VERKLARING IJSWATER FILMS INZAKE VERFILMINGSPLANNEN ROMAN JOE SPEEDBOOT
Na vijf jaren van ontwikkelen (het volledige filmscenario is ontwikkeld), financieren (de volledige filmfinanciering was tot stand gekomen) en procederen (het verlies van een hoger beroep inzake de optierechten was begin 2010 een feit), is het ons helaas niet gelukt de roman Joe Speedboot te gaan verfilmen. In de zomer van 2005 verkreeg IJswater de verfilmingrechten (zie bijgaand persbericht De Bezige Bij), waarna enthousiast werd geschreven aan een kwalitatief speelfilmscenario. Een bijzonder internationaal bioscoopfilmplan werd ontwikkeld, wat breed werd ondersteund in de filmsector, met name door de Publieke Omroep/NPS, het Nederlands Fonds voor de Film, het COBO Fonds en het Ministerie van OC&W.
Alleen werd de 1e scenarioversie door de auteur van de roman Tommy Wieringa, niet omarmd.. Hij zei er o.a. over dat wij een ‘puberale’ film zouden willen maken. Inderdaad kent het verhaal van Joe Speedboot pubers als hoofdkarakters, maar om dan het filmscript als puberaal te kwalificeren (en ook vooral wie onze filmproducties beter kent), beseft dat dit niet waar kan zijn. Na diverse pogingen van onze kant om weer in onderlinge overeenstemming te komen, zou de auteur uiteindelijk nooit meer de andere scriptversies en het (gefinancierde) scenario willen lezen, alvorens hij plotseling (eenzijdig) onze samenwerking had opgezegd. Een optieovereenkomst, eerst mondeling en toen schriftelijk, zowel met de auteur als met zijn uitgever De Bezige Bij, bleek tenslotte ook na tussenkomst met de rechtbank, niets meer waard.
Over de juridische pointe van deze, later ook belangwekkende jurisprudentie gebleken, zeggen onze juristen: Omdat de rechtbank eerder heeft geoordeeld dat er wel een overeenkomst tot stand is gekomen -een waarbij de producent, schrijver en uitgeverij partijen zijn- blijft het onbegrijpelijk waarom in hoger beroep het hof vervolgens oordeelt dat er weer geen overeenkomst tot stand is gekomen. Die juridische onderbouwing heeft te maken met het feit dat de uitgever misschien tegenover IJswater de indruk had gewekt dat hun schrijver akkoord was met de optie, maar dat maakte nog niet volgens het hof dat de auteur akkoord was, of dat wij daarop mochten vertrouwen. Volgens het hof ook niet als Wieringa tegenover DBB zegt akkoord te zijn en van die uitspraak een kopie wordt gezonden aan IJswater.
Ook al valt er op dit oordeel wel wat af te dingen, hebben wij besloten niet ook nog naar de Hoge Raad te stappen om in cassatie te gaan, wat een nog langduriger en kostbaarder traject zal zijn met een ongewisse uitkomst.
Al met al is het een onbevredigend einde aan een wat ons betreft rechtvaardige strijd en blijft het eeuwig zonde dat wij niet een bijzondere film hebben kunnen maken van een boek wat ons destijds heeft geïnspireerd.
Wij bedanken de NPS, het Filmfonds, COBO fonds, onze buitenlandse coproducenten en advocaat voor hun vertrouwen en niet aflatende steun in deze dramatische zaak en last but not least, de talentvolle regisseur Andre van Duren en dito scenariste Heleen Suer.
Amsterdam, maart 2010; Marc Bary/IJswater Films